Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen een Crisiskaart en een Hulpkaart?

De Crisiskaart en de Hulpkaart zijn allebei persoonlijke, opvouwbare kaartjes, zo groot als een bankpas. Beide kaartjes geven jouw wensen aan wanneer je in een situatie komt waarin je de regie kwijt bent of zelf geen woorden aan je behoeften kunt geven. Wat moeten omstanders en hulpverleners doen of laten? Wie kunnen ze bellen? Je draagt zowel de Crisiskaart als de Hulpkaart dan ook altijd met je mee, bijvoorbeeld in je portemonnee.

De uitkomst van de Crisiskaart en de Hulpkaart is dus hetzelfde, maar het proces om daar te komen niet. Voor het maken van een Crisiskaart ga je samen met een consulent eerst een crisisplan maken. Daarbij kijk je hoe een crisis zich bij jou opbouwt, hoe je het wellicht kunt voorkomen en wat je nodig hebt bij een crisis. Dit helpt om meer inzicht te krijgen in je eigen verhaal en helpt om minder vaak een crisis te krijgen of de crisis minder heftig te laten verlopen.

Sommige mensen hebben er geen behoefte aan om uitgebreid terug te kijken naar eerdere situaties waarin ze de regie kwijt raken. Ze vinden het te moeilijk of het is gewoon niet nuttig. Zij maken liever met b.v. hun begeleider of iemand die ze vertrouwen alleen de kaart waarop staat wat nodig is als zich weer eens een moeilijke situatie voordoet. En wie gebeld kan worden. Dat is dan een Hulpkaart. Het is wel belangrijk, ook bij de Hulpkaart, om toestemming te regelen van iedereen die op de kaart staat. Dat maakt immers dat de kaart betrouwbaar is.

Wat doe je als je een Crisiskaart in handen krijgt?

Lees de Crisiskaart eerst goed door.

Op de Crisiskaart staan twee soorten informatie:

  1. Hoe je de persoon die je de Crisiskaart gaf het beste kunt aanspreken en opvangen of behandelen (wel of niet een arm om iemand heen slaan, of veel herhalen bijvoorbeeld),
  2. Een telefoonnummer van iemand die de persoon goed kent en die weet wat er verder moet gebeuren. Neem contact op met die persoon

Wat betekent het als iemand je vraagt op de kaart te komen en je handtekening te zetten?

Het betekent dat je serieus bent in wat je voor de ander wilt doen en die persoon je daar ook aan mag houden. Als behandelaar betekent het dat het onder de Wet op de geneeskundige behandelingsovereenkomst (WGBO) valt. Zet dus alleen je handtekening als je het echt meent en je je kunt vinden in de gemaakte afspraken. Als er crisis is, is het belangrijk dat jij nog steeds bereid bent te doen waar je voor getekend hebt. Na ongeveer een jaar wordt de kaart weer geactualiseerd en kun je ook terugkomen op je afspraken. Wees daar open over.

Mijn buurman is lastig, kan ik hem een Crisiskaart aanbieden?

De Crisiskaart is bedoeld voor mensen die op het moment van een crisis zelf niet meer in staat zijn om zichzelf duidelijk te maken. Iemand die zo af en toe de muziek te hard zet, kan voor jou als buurman of buurvrouw heel lastig zijn, maar dat betekent niet dat je buurman in crisis is en niet in staat is om zijn wensen kenbaar te maken. Als je vermoed dat jouw buurman in crisis kan raken, kun je hem altijd wijzen op de mogelijkheid een Crisiskaart te maken. Verwijs hem dan naar de website www.crisiskaart.nl. De Crisiskaart wordt altijd gemaakt op basis van vrijwilligheid en kan niemand gedwongen worden gegeven.

Wie heeft toegang tot mijn gegevens?

Dat bepaal je zelf. De Crisiskaartconsulent overlegt met jou met wie je welke informatie wilt delen. Je kunt dat beperkt houden en alleen bijvoorbeeld je vertrouwenspersoon de volledige informatie geven, maar sommige mensen kiezen ervoor om de informatie veel breder te delen en in het politiesysteem te laten registreren dat ze een crisiskaart hebben. Deze keuze ligt geheel bij jezelf. De Crisiskaart (en dus jouw gegevens) wordt bewaard bij de organisatie waar de Crisiskaart is gemaakt.

Kan ik wijzigingen aanbrengen op de kaart?

De kaart wordt ieder jaar geupdate. Neem daarvoor contact op met je crisiskaartconsulent, om te zorgen dat de kaart actueel en betrouwbaar blijft. Wil je tussentijds wijzigen dan kan dat natuurlijk ook.

Hoe verhoudt de Crisiskaart zich tot andere plannen en kaarten?

Veel mensen die in behandeling bij de GGZ zijn hebben een plan dat over een mogelijke crisissituatie gaat. Het kan gaan om een WRAP of een signaleringsplan. Je kunt de Crisiskaart zien als een toevoeging aan deze plannen, omdat het informatie bevat die niet in anderen plannen staat. Zo worden bijvoorbeeld zorgzaken (bijv. medicijnen) ook wensen over sociaal maatschappelijke onderwerpen (wie zorgt voor de kinderen of huisdieren bij opname bijv.) genoteerd; je kunt alle zaken aan de orde stellen die je zelf wilt. De crisiskaartconsulent zal je bij het maken van de kaart vragen ook contact op te nemen met de mensen die je kunnen helpen bij en crisissituatie. Zo weet je zeker dat als je een crisis hebt, zij voor je klaar staan en weten wat jij wilt dat ze doen. En je hebt uiteindelijk een kaartje in handen waardoor je andere mensen helpt de goede dingen te doen als jij in crisis bent.

Waarom is de Crisiskaart effectief?

De Crisiskaart heeft op twee manieren effect: Je denkt vooraf na over hoe een crisis zich bij jou ontwikkelt en wie jou kan helpen om die signalen te herkennen en er iets mee te doen. Je vraagt andere mensen ook je daarbij te helpen. Dit blijkt al een preventief karakter te hebben. Je herkent de signaleren eerder en daardoor kan een crisis misschien wel voorkomen worden. Mensen met een Crisiskaart voelen zich veilig met de kaart op zak en durven meer dingen buiten huis te doen.

Het andere effect is dat je mensen duidelijk maakt tijdens een crisis wat voor jou het beste werkt en wat niet. Daardoor heeft de Crisiskaart naar verwachting het effect dat het je crisis minder heftig maakt en dat je eerder weer toekomt aan je herstel. Lees hier meer over in de maatschappelijke effectenanalyse.

Welke kosten zijn verbonden aan het maken van een Crisiskaart?

Het is de bedoeling dat het maken van de kaart voor de deelnemer gratis is. We verwachten dat het gebruik van de crisiskaart bijdraagt aan het verminderen van zorgkosten en het mensen weer actief laten meedoen in de maatschappij. De organisaties die crisiskaarten maken ontvangen subsidie of vergoedingen vanuit de zorgverzekeraars en/of gemeenten.